Nederland gaat voor toekomstbestendig Europees cohesiebeleid

 In Geen onderdeel van een categorie

De Nederlandse nationale, regionale en lokale overheden willen meer synergie en vereenvoudiging in het toekomstig Europees cohesiebeleid.

Deze Nederlandse standpunten over de toekomst van Europese structuur- en investeringsfondsen (ESIF) na 2020 staan in de gezamenlijke positie die in maart 2017 is aangenomen. De gezamenlijke positie is de uitkomst van intensieve samenwerking tussen het Rijk, IPO, VNG, Unie van Waterschappen, G4 en G32. Op 24 mei 2017 wordt het paper officieel overhandigd aan Eurocommissaris voor Regionaal beleid Corina Crețu, tijdens een lunchbijeenkomst bij het Huis van de Nederlandse Provincies in Brussel.

Nederlands-Duitse alliantie vormt zich

Als het gaat om Europees investeringsbeleid zijn Nederland en Duitsland belangrijke partners.

Als het gaat om Europees investeringsbeleid zijn Nederland en Duitsland belangrijke partners. Daarom slaan de twee lidstaten tijdens de lunchbijeenkomst op 24 mei de handen ineen en trekken samen op richting de EU-instellingen. Michiel Rijsberman, gedeputeerde van de Provincie Flevoland, en Michael Schneider, staatssecretaris van de deelstaat Saksen-Anhalt, presenteren in het HNP de Nederlandse en Duitse posities en overhandigen deze aan Eurocommissaris Crețu. Cohesiebeleid is een van de grootste investeringsinstrumenten in de EU en is essentieel bij de aanpak van het investeringstekort waar de EU al geruime tijd mee geconfronteerd wordt. Europees cohesiebeleid is dan ook bepalend voor de toekomst van de EU. Deze belangrijke boodschap wordt onderstreept door de Nederlands-Duitse samenwerking.

Resultaatgericht

De Nederlandse overheden dringen er op aan dat de Europese fondsen worden ingezet om te reageren op de grote maatschappelijke uitdagingen in de EU. Momenteel is er te weinig aandacht voor innovatie en duurzaamheid. Bovendien moeten er scherpe keuzes worden gemaakt over de strategische prioriteiten van de EU, nu en in de periode na 2020. De ESI-fondsen zijn een slimme manier om bij te dragen aan de aanpak van die maatschappelijke uitdagingen. De Nederlandse overheden willen dat ESI-fondsen resultaatgericht zijn, met een scherpere focus op een kleiner aantal doelen of thema’s. Door prioritering en verbeterde samenhang kan cohesiebeleid echte Europese toegevoegde waarde creëren.

Vereenvoudiging

Het Nederlands MKB is nog te vaak terughoudend met de aanvraag van Europese subsidie doordat het proces complex is. De Nederlandse overheden pleiten daarom voor vereenvoudiging. De huidige administratieve lasten voor begunstigden zijn buiten proportioneel. Om ervoor te zorgen dat de implementatie en uitvoering van ESI-fondsen effectiever en efficiënter wordt, moeten de regels ingrijpend versimpeld worden en de audit kosten sterk omlaag. Nederland pleit onder andere voor risico gebaseerde differentiatie bij de verantwoording. Dit zorgt voor een eerlijkere mate van proportie in de verantwoording, zonder dat de risico’s van onrechtmatige uitgaven van EU-middelen worden verhoogd.

Recent Posts